Skip over navigation | Sla menu over
16 mei 2014

Het rapport: Bouwstenen voor een nieuwe Erfgoedwet

Het rapport: Bouwstenen voor een nieuwe Erfgoedwet

 

Geachte heer, mevrouw,

Graag breng ik het advies ‘Zorgvuldige omgang met kunst in het publiek domein. Bouwstenen voor een toekomstbestendige regeling’ bij u onder de aandacht.

Het advies bevat de resultaten van een onderzoek naar de vraag hoe op een zo zorgvuldig mogelijke wijze met kunst in het publiek domein zou moeten worden omgegaan.

Het advies is geschreven door advocaten Tom Barkhuysen (tevens hoogleraar Universiteit Leiden) en Machteld Claessens van het kantoor Stibbe te Amsterdam in opdracht van de Vereniging Rembrandt.

Reden van onderzoek
De Vereniging Rembrandt hanteert het principe dat waardevolle kunst beschikbaar moet zijn voor elke Nederlander. Een voorwaarde daarvoor is een levendige omgang met openbaar kunstbezit. De 11.000 leden van de Vereniging Rembrandt vormen een collectief mecenaat. Deze leden en ook andere (veelal particuliere) schenkers zijn door een aantal incidenten in de museale wereld bezorgd over de manier waarop soms schenkingen aan het openbaar kunstbezit (dreigen te) worden onttrokken. Eventuele onttrekking van kunst aan het publiek domein zou uitsluitend via ‘de voordeur’ moeten plaatsvinden. De onttrekking is daarmee voor iedereen zichtbaar en afdoende beargumenteerd. Bij incidenten die zich voordeden vond die onttrekking – of de dreiging daartoe – nu nog regelmatig via de achterdeur plaats.
Wanneer een museum en/of overheidsinstantie een kunstvoorwerp aan het publiek domein zou willen onttrekken – door dit te exporteren en/of af te staan aan een private (rechts)persoon – dan zou daarvoor een zorgvuldige, wettelijke besluitvormingsprocedure moeten gelden. Die bestaat tot op heden niet.
De noodzakelijkheid van dit advies hangt samen met de ontwikkeling van een nieuwe Erfgoedwet door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. De Vereniging Rembrandt liet onderzoeken hoe binnen een nieuwe Erfgoedwet aan het mecenaat in Nederland recht kan worden gedaan.

Doel van het onderzoek
Met het onderliggende advies in de hand reikt de Vereniging Rembrandt bouwstenen aan die bijdragen aan het gemeenschappelijk belang om te komen tot een zo zorgvuldig mogelijke omgang met openbaar kunstbezit. Het gaat hierbij om kunstbezit dat voor Nederland van belang is. Uitgangspunt van het advies is dat ontzamelen mogelijk moet zijn, maar wel op een verantwoorde en zorgvuldige wijze. De bouwstenen die in het advies worden voorgedragen, zijn vanuit deze gedachte ontstaan.

Bevindingen in het advies
Het advies van Stibbe doet voorstellen ter bevordering van een zo zorgvuldig mogelijke omgang met kunst in het publiek domein. Daarmee worden ook onwenselijke verschillen tussen de bescherming van openbaar kunstbezit en particulier kunstbezit weggenomen.

Het advies stelt vast dat de bestaande ‘Wet tot behoud van cultuurbezit’ wel wettelijke waarborgen ten aanzien van het beschermd particulier kunstbezit biedt. Voor het openbaar kunstbezit gelden deze – of andere, soortgelijke – wettelijke waarborgen (nog) niet. Voor dit deel van ons kunstbezit bestaan sectorale regels (zelfregulering), die mede daarom niet juridisch hard afdwingbaar zijn. Dit is niet in lijn met de afspraken die over de bescherming van openbaar en particulier kunstbezit in internationaal verband (het UNESCO-Verdrag) zijn gemaakt. Evenmin sluit hierdoor de mate waarop in Nederland het openbaar kunstbezit wordt beschermd, aan bij de wettelijke bescherming van dit kunstbezit in andere Europese landen. Binnen Nederland worden andere onderdelen van ons cultureel erfgoed – monumenten en natuurgebieden – bovendien ook wettelijk beter beschermd dan ons roerend kunstbezit. Er bestaat aldus een noodzaak te komen tot een wettelijke regeling die geldt voor alle kunst in het publiek domein, dus zowel landelijk als provinciaal en stedelijk.

Tot slot
Uit het advies blijkt dat er voldoende ruimte is om te komen tot een betere regeling die aan de ene kant bescherming biedt aan het openbaar kunstbezit, maar aan de andere kant ruimte laat voor noodzakelijke dynamiek waarvoor onttrekking van een kunstwerk aan het Nederlandse publiek domein soms nodig kan zijn. Dynamisch kunstbezit in het publiek domein is gebaat bij samenwerking tussen de overheid (o.a. Staat, provincies en gemeenten) enerzijds en, vanuit de gedachte van ‘rentmeesterschap’, de bereidheid van particulieren te schenken aan kunstbezit in het publiek domein en daarmee aan die overheid. Het is van belang dat het mecenaat zich daarin recht gedaan weet.

Een secure omgang met kunstbezit van nationaal, regionaal en/of lokaal belang in het publiek toegankelijke domein leidt tot zorgvuldigheid in verzamelen én ontzamelen.

De Vereniging Rembrandt vertrouwt erop dat dit advies daadwerkelijk bijdraagt aan een meer zorgvuldige omgang met kunst in het publiek domein in Nederland.

 

Martijn Sanders
Voorzitter Vereniging Rembrandt