Christoph Paudiss (ca. 1625-1666)

Stilleven met glas bier, haringen en rookgerei, 1660, 87,5 x 73 cm.

Rotterdam, Museum Boijmans Van Beuningen (sinds 1958)


Dit sobere stilleven werd vermoedelijk in Wenen geschilderd door een uit Hamburg afkomstige leerling van Rembrandt, wiens leven in Freising bij München eindigde. Hollands is het dus strikt genomen niet, maar Paudiss’ Amsterdamse jaren hebben hem blijvend gevormd. Misschien wil het prentje in de stijl van Rembrandt, dat de kunstenaar als enig ornament naast een flesje vernis en een  streng met drie uien aan de wand heeft gehangen, daar zelfs als souvenir van getuigen.

Samuel  van  Hoogstraten  (1627 – 1678),  Trompe-l’oeil  stilleven  of  Bedriegertje,  20  januari  1664.  Dordrechts  Museum.Stillevens uit de kring van Rembrandt zijn schaars en voor zover van Rembrandt zelf of onder zijn invloed ontstaan ook vaak nogal tegendraads. Hij was nu eenmaal een figuurschilder en portrettist, die het stilleven hooguit als een ondergeschikt terzijde zal hebben gezien, en niets staat verder af van Rembrandt en zijn kunst dan de bedriegertjes van Samuel van Hoogstraten, een leeftijdgenoot van Paudiss, die ongeveer tegelijk met hem bij Rembrandt moet hebben gewerkt (1).

Paudiss koos niet voor de gladde stijl en egale belichting die Van Hoogstraten zich in later jaren eigen maakte, maar bleef gefascineerd door de mogelijkheden om te modelleren met licht en donker, zij het hier in een verrassend blond palet.
De weinige stillevens die hij schilderde zijn bovendien ongewoon ernstig van aard. Schoonheid stond voor hem duidelijk niet gelijk met het verbeelden van overvloed en kostbaarheden, en kunst was voor hem meer dan het plezier dat gezichtsbedrog verschaft. Zijn klant of opdrachtgever moest het doen met haringen en uien, een glas bier, en wat tabak uit een papiertje.Christoph  Paudiss  (1625 – 1666),  Stilleven  met  twee  kalfskoppen,  1658. Dresden, Staatliche  Kunstsammlungen,  Gemäldegalerie  Alter  Meister. Soms pakte hij zijn kopers zelfs nog harder aan: zijn vroegst bekende stilleven, twee jaar ouder dan het hier besproken werk, is een afbeelding van twee kalfskoppen, nog niet gevild en met de ogen zeer zichtbaar gebroken (2). Dat is nog eens wat anders dan dood wild, door een edelman geschoten op de jacht.

Haring en uien waren het maal van de armen, en bier was wat er bij gebrek aan schoon water bij gedronken werd. Tabak hielp de zorgen een beetje te vergeten. Maar net als het Bedriegertje dat Van Hoogstraten een paar jaar later schilderde, heeft ook dit werk iets autobiografisch. De een toont zijn vorstelijke onderscheiding en de door hem verworven of begeerde rijkdom, de ander zijn armoe en een


prentje dat aan zijn leraar herinnert. Allebei deden hun best om een positie als hofschilder te verwerven, maar solliciteerden overeenkomstig hun persoonlijkheid. Paudiss kreeg ruzie met de man voor wie hij in Dresden de kalfskoppen had geschilderd, en wel dusdanig dat deze – gelukkig tevergeefs – een toekomst voor hem in Wenen met een negatieve referentie probeerde te blokkeren.

Over Paudiss’ hier besproken Stilleven is wel gezegd dat zijn spaarzame karakter ons aan de vergankelijkheid moet herinneren en tot soberheid zou moeten manen, of dat de streng uien ons erop moet wijzen dat berouw komt na de zonde, omdat de ui ons doet huilen wanneer zij wordt gepeld. Maar van het pellen van uien is geen sprake, en een bemiddelde verzamelaar zal toch niet door het zien van een armoedig maal tot soberheid worden gemaand. Voor de edelman die het schilderij waarschijnlijk kocht of bestelde, zal het zo mooi lichte Stilleven van Paudiss in de eerste plaats een bijzonder kunstwerk zijn geweest, dat nu eens de schoonheid van het alledaagse liet zien.

Vereniging Rembrandt Lees verder